Ooglidcorrectie

De meest frequente ooglidcorrecties zijn blefaroplastie, correctie van ptosis, entropion en ectropion.



BLEFAROPLASTIE bij dermatochalasis


Wat is dermatochalasis?

Dermatochalasis is een ontsierend teveel aan huid en zwelling van het boven- of onderooglid door uitzetting en verdunning van de huid en pezen.

Tevens worden de beschermende vetlobjes in de oogkas rond het oog minder stevig waardoor deze naar voren kunnen zakken. Deze veranderingen zijn vaak leeftijdsgebonden doch we zien ook familiaal variaties op het tijdstip van ontstaan van de klachten.

Deze veranderingen kunnen leiden tot verschillende klachten zoals vermoeide ogen , een drukgevoel op de ogen of een beperking van het gezichtsveld (zijzicht).



Hoe wordt dermatochalasis behandeld?

Hierbij wordt het teveel aan huid weggenomen. Dit gebeurt meestal onder lokale anesthesie. Er wordt een sneetje in het ooglid gemaakt en een ellipsvormig stuk huid wordt verwijderd. Soms wordt ook een stukje van de oogkringspier meegenomen, of een gedeelte van het oogkasvet.

De huid wordt opnieuw gesloten met een hechting. Deze hechting wordt na een tiental dagen verwijderd. Dit type hechting geeft minder littekenvorming dan een hechting die ter plekke blijft een spontaan moet resorberen.

Zoals bij elke chirurgische ingreep ontstaat hierdoor een litteken, maar bij de ooglidcorrectie is dit zeer klein, nauwelijks zichtbaar omdat het in de ooglidplooi gepositioneerd wordt.

Het is normaal dat na de operatie de oogleden blauw en gezwollen zijn. Een bloeduitstorting is nagenoeg altijd in min of meerdere mate het gevolg van een incisie in de oogleden. De oogleden gaan hierdoor zwellen. Hou er rekening mee dat u er enkele dagen (tot weken) met gezwollen en blauw verkleurde oogleden en aangezicht bij kunt lopen en met een zonnebril over straat moet. Soms is het oogslijmvlies (het wit van het oog) ook wat opgezwollen. De ogen zelf kunnen ook wat branderig aanvoelen de eerste paar dagen.

Pijn na de operatie wordt met name veroorzaakt door de zwelling. Bij pijn kunt u pijnstillers (enkel paracetamol, Dafalgan , Perdolan) gebruiken.

De wonde verzorgt u door 1x/dag zalf aan te brengen op de wonde zelf.



PTOSISCORRECTIE


Wat is ptosis?

Ptosis is een afhangend ooglid ten gevolge van het minder functioneren van de levatorspier. Dit is de spier waarmee het ooglid omhooggetrokken wordt.

Deze spier loopt van boven in het bovenste ooglid tot het kraakbeenplaatje vlak aan de wimpers van het bovenste ooglid.

De meest voorkomende vorm van ptosis zien we bij volwassenen en is meestal het gevolg van het verdunnen van de pees van deze spier waardoor de spier langer wordt en het ooglid niet goed meer kan omhoogtrekken.

Er bestaan ook afwijkingen in de spierfunctie bij bepaalde spierziekten zoals myasthenia gravis. Zo nodig zal er een bloedname aangevraagd worden om dit uit te sluiten alvorens een ingreep te plannen.



Hoe wordt een ptosis behandeld?

Een ptosis wordt behandeld onder locale verdoving zodat de hoogte van het ooglid tijdens de ingreep continu kan worden beoordeeld.

De ingreep bestaat uit het verstevigen / herbevestigen van de pees – spier verbinding. Hierbij wordt er een sneetje gemaakt in het bovenste ooglid.

Het kraakbeenplaatje wordt opgezocht evenals de verdunde pees en beide worden terug steviger met elkaar verbonden.

Als er ook een teveel aan huid aanwezig is , zal dit ook dienen verwijderd te worden anders hangt er na de ingreep overtollige huid over de wimpers heen.

De huid wordt opnieuw gesloten met een hechting. Deze hechting wordt na een tiental dagen verwijderd. Dit type hechting geeft minder littekenvorming dan een hechting die ter plekke blijft een spontaan moet resorberen.

Zoals bij elke chirurgische ingreep ontstaat hierdoor een litteken, maar bij de ptosiscorrectie is dit zeer klein, nauwelijks zichtbaar.

Het is normaal dat na de operatie de oogleden blauw en gezwollen zijn. Een bloeduitstorting is nagenoeg altijd in min of meerdere mate het gevolg van een incisie in de oogleden. De oogleden gaan hierdoor zwellen. Hou er rekening mee dat u er enkele dagen (tot weken) bont en blauw bij kunt lopen en met een zonnebril over straat moet. Soms is het oogslijmvlies (het wit van het oog) ook wat opgezwollen. De ogen zelf kunnen ook wat branderig aanvoelen de eerste paar dagen.

Pijn na de operatie wordt met name veroorzaakt door de zwelling. Bij pijn kunt u pijnstillers (enkel paracetamol, Dafalgan , Perdolan) gebruiken.

De wonde verzorgt u door 1x/dag zalf aan te brengen op de wonde zelf.



ENTROPION - ECTROPION


Wat is een entropion?

Een entropion is een naar binnen gekeerde ooglidrand van het onderste ooglid.

Vaak krassen de wimpers hierdoor tegen het oog waardoor een zandkorrelgevoel, tranen en irritatie kunnen ontstaan. Ook kan het oogwit hierdoor rood en geprikkeld worden. Er kan zelfs een ontsteking van de oogbol ontstaan door de chronische irritatie.



Hoe wordt een entropion behandeld?

Een entropion wordt heelkundig behandeld: naargelang de situatie zal ofwel het ooglid verticaal ingekort worden om het zo terug steviger te maken , ofwel worden de retractoren (dit zijn de spieren die het ooglid naar beneden trekken en te laks geworden zijn) terug verstevigd.





Wat is een ectropion?

Een ectropion is een naar buiten gekeerde ooglidrand van het onderste ooglid.

Dit ontstaat vaak op oudere leeftijd door een verzwakking van de weefsels rond het oog. Soms ontstaat het ook ten gevolge van verlittekening.

Het oog kan door een ectropion gaan tranen omdat het niet meer fatsoenlijk gesloten wordt en dus chronisch geïrriteerd. Soms is ook het afvoerend traankanaaltje niet meer aanliggend aan het oog waardoor de tranen niet meer kunnen afgevoerd worden.



Hoe wordt een ectropion behandeld?

Een ectropion wordt heelkundig behandeld: het ooglid wordt ofwel verticaal ingekort wanneer dit te laks geworden is. Het kan ook noodzakelijk zijn de zijkant van het ooglid terug steviger te bevestigen aan de oogkasrand. Wanneer het traanpunt niet meer mooi aanligt zal dit intern gecorrigeerd worden zodat het terug zijn normale positie inneemt.





Uw specialist

Dr. K. De Lepeleire